donderdag 6 februari 2014

De representativiteit van Max Havelaar

Is Max Havelaar representatief voor de romantiek?
De romantiek vond zijn hoogtepunt in de periode van circa 1795 tot 1848. Het had een enorme invloed op de muziek, beeldende kunst en de literatuur. Aan het einde van de 17e eeuw kreeg het woord romantiek een negatieve betekenis. Het werd gezien als overbodige fantasie dat te ver ging. Aan het begin van de 18e eeuw werd dit echter veel meer geapprecieerd. Het boek Max Havelaar, waar we ons over gaan bekommeren vandaag, is geschreven rond 1860. Dit is na het hoogtepunt van de Romantiek, maar wordt volgens velen nog steeds gezien als een boek uit de Romantiek. Maar is dit boek ook echt kenmerkend voor de Romantiek, of worden er veel verbeeldingen gemaakt over de kenmerken die zich helemaal niet in het boek bevinden?
De Romantiek wordt gekenmerkt doordat het een reactie is op de stroming die eraan vooraf gaat, de Verlichting. Waar bij de verlichting juist het verstand centraal stond, is bij de Romantiek de emoties die de leidende rol spelen. Er is veel aandacht voor de natuur en de wetenschap wordt juist in deze periode als niet nuttig gezien.
Daarmee komen we op de eerste kenmerk: het gevoel. Het gevoel speelt in de Romantiek een erg belangrijke rol, wat we ook terug kunnen zien in het boek. In ‘Max Havelaar’ worden de gevoelens van de karakters zeer goed beschreven. Als er een bepaalde situatie wordt beschreven waarin een karakter zich bevindt, wordt er meestal een even lange tekst besteedt aan de beschrijving van de gevoelens die zich daarbij ter uiting brengen. Ook is Max Havelaar zelf een erg gevoelig mens: Hij veracht onrecht en geeft veel om de gevoelens van anderen.
Als tweede kenmerk heeft individualisme een erg sterke invloed op de Romantiek. Ook dit komt erg veel voor in het boek. Als dit nog niet duidelijk is door constante ‘strijd’ tussen de slaven en de burgerij (je krijgt van beide mee in het boek wat er gebeurd), dan is het wel door de karakters zelf. Als Max Havelaar naar Nederlands-Indië gaat, ziet hij dat er erg veel onrecht is. In de vorige paragraaf lazen we dat Havelaar dat verschrikkelijk vindt, en hij wilt dus ook niet met de massa meegaan. Hij geeft zijn eigen mening erg vaak over dit onderwerp, wat een kenmerk is voor het individualisme.
Als laatste hebben we het nog het kenmerk van de natuur. De natuur komt wel in het boek voor, maar wordt bijna niet beschreven. Meestal worden in de boeken uit de Romantiek de natuur verheerlijkt en tot in de kleinste details beschreven. Dit is echter niet zo in dit verhaal. Ja, er wordt verteld over hoe Nederlands-Indië eruit ziet, doordat de mensen ook wel beschreven worden. Maar nee, er wordt niets verheerlijkt. Ook komen er geen metafoors voor die met de natuur te maken hebben.
Er komen dus een aantal kenmerken voor die met de Romantieke te maken hebben, maar de meest kenmerkende, de natuur, valt de ontbreken bij dit boek. Toch zou ik dit boek nog rekenen tot de Romantiek. Wel twijfel ik erg, doordat ik bij verschillende vakken (Nederlands, Duits) te horen heb gekregen dat de natuur een erg belangrijk kenmerk is voor de Romantiek. Ook kreeg ik twijfels doordat het boek later is geschreven dan het hoogtepunt van de Romantiek. Toch behoort het volgens mij wel tot deze stroming, omdat de emoties erg goed beschreven worden en het individualisme sterk opkomt in dit verhaal. Het heeft voor en tegenpunten voor de stelling, maar voor mij is het toch wel echt een kenmerkend boek voor de periode.

dinsdag 2 april 2013

Literaire opdracht (schrijfopdracht, imaginair reisverhaal)



Ik deed mijn ogen open, keek om me heen. Ik zag alleen maar groen. Overal was groen. Of nee, er was blauw. Ik rook de zoute geur van de zee en de rest kwam in beeld. Ik was verdwaald, verdwenen van de plek dat ik 'thuis' noemde. Langzaamaan begonnen de herinneringen terug te komen. Ik zat op een boot met een aantal anderen, en we vaarden weg van al onze problemen. De maatschappij was gek geworden. Er waren te veel regels, en de straffen werden steeds meer aangescherpt voor degenen die zich niet aan de regels hielden. Het was een gekkenwerk hoe de regering de mensen oppakte van de straat om belachelijke redenen. Ik moest weg. Maar hoe kwam ik hier?
Ik stond op en begon de omgeving te bekijken. Ik zag de boot liggen, aangestrand, en een aantal voetstappen. Het zag erna uit dat we hadden opgesplitst. Ik pakte een tas met eten en drinken uit de boot en besloot verder het bos in te lopen. Toen ik een aantal uur verder aan een oever van een rivier uitruste, hoorde ik ineens geritsel om me heen. Ik draaide me langzaam om en zag een beer op me aflopen. Ik wist dat je niet moest wegrennen, dieren zijn geneigd om juist het kat-muis spel te spelen. Toch begonnen mijn benen te bewegen en rende ik naar de rivier: De beer zou mij toch niet achterna komen? Ik hoorde toen in eens een geluid dat erg leek op een pijl dat door de lucht vliegt. Ik keek om en zag de beer dood liggen, met een pijl door zijn kop. Ik keek om me heen maar zag geen enkel mens in mijn nabije omgeving. Ik deed net alsof ik verder ging met wandelen maar draaide na een aantal meters weer om, terug naar de plaats delict. Ik zag toen dat een aantal mensen het beest begonnen te verslepen. Ik achtervolgde ze en na een aantal honderd meter begon er een huis in het zicht te komen. Een 'huis' zou ik het ook niet noemen, het was meer een hut. Alles zag er heel primitief uit, evenals de kleding die de mensen droegen nu ik erop lette. Er was geen electriciteit te bekennen, wat in onze samenleving centraal staat. Het werd donker en ik besloot in een boom te klimmen en daar te overnachtten. Ik werd weer wakker in de nacht toen ik weer geritsel hoorde. Dit keer was het geen beest, maar zag ik een aantal mensen richting het huis sluipen. Het was duidelijk dat deze mensen niet bij de andere familie hoorde. Ik was zo gefasineerd dat ik bijna uit de boom viel toen ik, wederom, het geluid van pijlen die door de lucht vlogen, hoorde. Er viel een persoon neer en de anderen verstijfden. De groep uit de hut kwam naar buiten, brullend en tierend. Toen de andere mensen dichterbij probeerden te komen werd het gebrul harder. Na een paar minuten gingen de mensen weer weg, en begon de groep van de hut weer wat rustiger te worden. Ik was zo verbaasd over wat ik zag, dat ik niet doorhad dat de boom waarin ik zat geluid begon te maken. De mensen keken ineens mijn richting op en ik verstijfde. Ik kreeg op dat moment door hoe het er hier aan toe ging. Dit was geen maatschappij zoals ik het kende. Er waren geen geschreven regels, maar dat betekende niet dat er chaos was. Nee, zeker geen chaos, ook al zouden wij dat denken. Er waren duidelijk regels die gevolgt moesten worden. In onze maatschappij werd je openbaar gestraft voor de fouten die je maakte, maar hier was dat totaal anders. Ja, je werd zeker wel gestraft voor de fouten. Deze fouten waren echter ongeschreven regels die verbroken werden. Het was oeroud. Zo leefden de mensen vroeger, niet nu. Ik begon me steeds meer af te vragen wat er beter was. Zou het beter zijn als we terug gingen met onze maatschappij, in plaats van steeds maar naar de toekomst te kijken? Het leek dat de mensen hier toch beter de regels volgden dan dat ze in ons land deden. Hier wisten de mensen niet hoe groot de straf was die ze zouden krijgen bij het verbreken van de regels, alleen maar dat er een straf zou komen. Het leek alsof er hier meer orde was dan in onze maatschappij, waar alle regels geschreven waren en door allen herkend waren. Het leek heel onrealistisch dat juist in een land waar niets duidelijk was beschreven, toch meer duidelijkheid en orde was. Was er dan toch nog orde te vinden in chaos?  

dinsdag 30 oktober 2012

kernenergie: de energie van de toekomst.




Kernenergie: de energie van de toekomst. 

Kerncentrales zijn de afgelopen jaren veel in het nieuws geweest. De ramp in Japan vorig jaar zorgde voor veel commotie rondom de gevaren van kernenergie. Het herinnerde mensen aan de ontploffing van de kerncentrale Tsjernobyl, waarbij er later duidelijk werd dat er ernstig veel radioactieve straling was vrijgekomen. Veel mensen baseren hierop grotendeels hun mening over kernenergie. Kerncentrales zorgen voor een groot deel voor de opgewekte energie die wij elke dag gebruiken, met een paar nadelen. En doordat deze nadelen zijn te overzien, is deze vorm van energie opwekken de oplossing voor de toekomst.

Veel mensen denken dat kerncentrales grote hoeveelheden koolstofdioxide (CO2) uitstoten bij het opwekken van kernenergie. Als ze aan een kerncentrale denken, zien ze een grote fabriek met vele schoorstenen waar veel zwarte rook uit komt. Niets is minder waar: De kerncentrales stoten geen broeikasgassen of CO2 uit. Hun afvalstoffen komen ook niet in de lucht of in de grond terecht: deze breken ze af, waarna ze worden gerecycled, of slaan ze op in speciale opslagplaatsen. Kernenergie wordt om die reden dan ook schone energie genoemd.

Ook is kernenergie erg zuinig en goedkoop: Er zijn maar weinig grondstoffen nodig. Bovendien zijn deze grondstoffen ook erg goedkoop en zijn nog voor vele honderden jaren beschikbaar. Kernenergie kan ook afwisselen van grondstoffen, ze beschikken namelijk over meerdere opties. Zo kunnen ze hout, steenkool en uranium gebruiken. Doordat al deze stoffen nog voor een lange tijd vindbaar zijn, wordt de manier van energie opwekken via kerncentrales aantrekkelijker voor vele mensen. Dit is namelijk omdat de vorm van energie die wij nu gebruiken (Gas en benzine) snel op begint te raken.

Wereldwijd zijn de kerncentrales verantwoordelijk voor zo’n 15% van de wereldwijde stroomproductie. Dit is een zeer groot gedeelte als u zich bedenkt dat er vele vormen van stroomproductie bestaan. We zouden juist ook kernenergie gaan op moeten wekken in Nederland en meegaan in de economie. Als over een tijd de grondstoffen die we nu gebruiken opraken, moeten we andere vormen van energieproductie gaan gebruiken. Zo zouden we dus, net als Duitsland, zo’n 24% van onze energieproductie uit kerncentrales kunnen betrekken. Kernenergie is een grote bron voor het opwekken van energie en het zou dus zonde zijn als we daar geen gebruik van zouden maken.

Een van de eerste dingen waar je aan denkt bij kernenergie is kernafval. Kernafval is een gevolg van opwekken van kernenergie. Dit wordt uitgestoten door de kerncentrales en is zeer slecht voor het milieu en de levensloop. Juist door dit feit zijn veel mensen van mening dat we geen kernenergie zouden moeten gebruiken. Er komt inderdaad bij het opwekken van kernenergie kernafval vrij. Dit afval wordt ook als zeer gevaarlijk bestempeld. Als dit zo maar in de natuur zou worden gestort, zou dit inderdaad zorgen voor ernstige gevolgen voor alle organismen. De kerncentrales gooien het kernafval echter niet zomaar in de natuur, maar slaan het op in opslagplaatsen voor kernafval. Deze zijn zo ontworpen dat ze straling tegen houden en het kernafval niet laten weglekken. Dit is echter een tijdelijke oplossing, aangezien kernafval zo’n 250000 jaar nodig heeft om als ongevaarlijk bestempeld te worden. Daarom zoeken wetenschappers nu naar een middel om kernafval milieuvriendelijk af te breken, of om de halfwaardetijd  (de periode waarna een element de helft van zijn radioactiviteit kwijtraakt) van radioactief afval te verminderen. Dus het is inderdaad waar dat kernafval gevaarlijk is, maar zolang het goed wordt opgeslagen en er geen lekken in de natuur zijn, is er geen reden tot paniek. Elke energieproductie heeft zo zijn nadelen, en vele manieren van energie opwekken veroorzaken een uitstoot van CO2, broeikasgassen of andere slechte stoffen. Kernenergie laadt deze stoffen echter niet los in de natuur, en bergt ze op zodat ze geen gevaar voor de natuur en de organismen vormen.

Nederland zou dus in de komende jaren moeten investeren in kernenergie, omdat het schone energie is die weinig tot geen broeikasgassen uitstoot. Het is erg goedkoop en kan nog vele honderden jaren gebruikt worden, in tegenstelling tot andere vormen van energie die snel opraken. Ook is het aandeel van energieproductie erg hoog, waardoor andere, slechtere vormen van energieproductie beëindigt kunnen worden. Andere landen profiteren wel van deze energieproductie, dus waarom wij niet?

BRONNEN:

maandag 29 oktober 2012

Arthur


Bij geschiedenis heb je les gehad over de Middeleeuwen. Schrijf in trefwoorden op wat je nog weet van de Middeleeuwen.
Vies. Kastelen. Groot verschil tussen arm en rijk. Wagenspelen. Zeer godsdienstig. De tijd is van 500 tot 1500 en er was heel weinig hygiëne, men wist toen nog niet wat ziekteverwekkers waren en wat ze inhielden.

Zoek op wat de drie voornaamste verschillen zijn tussen Karel- en Arturromans. Maak hierbij gebruik van je literatuurboek of bijvoorbeeld van het hoofdstuk ridderliteratuur op Internet.
Karel de Grote zijn voorhoofse romans. Hier gaat het vooral om de (heldendaden van de) ridders, de koning en de  zwaardgevechten. De man staat hier centraal, de vrouw heeft weinig te zeggen en speelt een bijrolletje in het grote verhaal.
Arthurromans zijn hoofs. De liefde is een belangrijk thema in deze verhalen. De vrouw staat hierin centraal. Er zijn wel ridders, maar dit zijn hoffelijke mannen die hun jonkvrouw proberen te redden.  

Vertaal de eerste 25 verzen van de Arturroman Ridder metter mouwen in het Nederlands.
Het verhaal vertelt ons
Dat koning Arthur op dit uur
beschikt over een grote hof in de stad Kardeloet.
Op eerste pinksterdag zag men niet gelijk dat het de koning was die een kroon droeg.
De koningin was er ook. En menig ridder was er dapper en hoffelijk aan het werk. (regel10)
De koning had daar fluweel en kostbare stof laten maken.
Hij had vijfhonders mantels en rokken, gemaakt van helder wit hermelijn, met blauw zijde gevoerd.
Daar waren de ridders en de jonkvrouwen met hun mooie kleding en spullen. Ze hadden zich mooi uitgedost.
Daar waren 5000 ridders. Zij gedroegen zich voortreffelijk met veel kennis.
Daar gingen de koningen de mis bijwonen met de uitverkorene ridders.
De ridders wisten nu zeker dat de koning langs kwam lopen.

Hoofdstuk 2Leg uit wat de uitdrukking monnikenwerk - letterlijk en figuurlijk - te maken heeft met het schrijven van boeken in de Middeleeuwen.
Het was letterlijk monnikenwerk omdat alle boeken in de Middeleeuwen alleen door de monniken gekopieerd werden. Doordat dit zeer veel werk was, hadden maar een paar monniken hier tijd voor over. Hierdoor wordt de term monnikenwerk gebruikt voor klusjes die veel tijd kosten en waar precies werk voor nodig is.

Er zijn prachtige middeleeuwse handschriften bewaard gebleven. Bijvoorbeeld de Spieghel Historiael van Jacob van Maerlant. Bekijk een bladzijde van dit boek en omschrijf kort de betekenis van de volgende termen: gehistoriseerde initiaal, miniatuur, rubriek, lombarde, marginalia.
Gehistoriseerde initiaal: De grote versierde beginletters. Het verhaal wordt voor een deel uitgebeeld in deze letters.
Miniatuur: Getekende of geschilderde illustratie. Dit staat midden in het verhaal als extra ondersteuning.
Rubriek: In het rood aangebrachte tekstgedeelten, die de tekst visueel structureren.
Lombarde: Grote beginletter, gewoonlijk 1-3 regels hoog. Kleiner dan gehistoriseerde initiaal.
Marginalia: Randversieringen, soms zeer grotesk uitgebeeld.

Hoofdstuk 3
Tegenwoordig hebben romans een titelpagina. Dat is eigenlijk al zo sinds de boekdrukkunst. Probeer te verklaren waarom middeleeuwse handschriften niet zo'n pagina hebben. Betrek in je antwoord de productie van boeken en de paragraaf lezen en luisteren. Geef ook aan waarom de middeleeuwse drukkers de titelpagina hebben uitgevonden.
Het was erg veel werk voor de monniken om dit helemaal over te schrijven. Papier was in die tijd erg kostbaar, daardoor konden ze deze extra pagina niet maken. De gehistoriseerde initialen en miniaturen gaven de hoofdlijnen van het verhaal aan.

Leg uit hoe het komt dat elk middeleeuws boek een uniek exemplaar is.
Elk boek moest apart overgeschreven worden. Elk monnik had zijn eigen handschrift, en sommigen voegden iets toe of legden iets beter uit op een andere manier.

Zoek in het fragment van Ridder metter mouwen een vers waaruit blijkt dat het de bedoeling van de schrijver was dat de tekst hardop zou worden voorgedragen.
R.44 Wat soude daer af lange tale? 
Vertaling: Waarom zou ik daar veel over vertellen?

Hoofdstuk 4
Noteer kort wat in je opkomt bij het horen van de naam koning Artur.
Een dappere koning die met de ridders om een ronde tafel zat en oorlog voerde.  

Waarom worden Arturromans ook wel Keltische romans genoemd?
Omdat vooral de kelten over die verhalen vertelden.

Hoe zijn de verhalen over Artur op het vasteland bekend geworden?
De Kelten werden teruggedreven naar het zuiden van Bretagne door de Angelsaksen.

Hoofdstuk 5
Zoek op Internet, in Encarta of een andere bron, informatie over Chrétien de Troyes. Schrijf iets over zijn leven, vermeld de titels van zijn teksten en ga in op de betekenis die hij heeft gehad voor de Arturroman.
Hij was de pionier van de hoofse roman.
Hij schreef vijf ridderromans rond het Arthurthema: Érec et Énide, Cligès, Lancelot ('Lancelot of De ridder met de kar' - opgedragen aan de hertogin), Yvain ('Ywain of De ridder met de leeuw') en Perceval ou le conte du Graal (onvoltooid)
Duidelijk is dat hij veel belangstelling toonde voor het leven en de liefde aan het hof.
Ook heeft hij werk van Ovidius vertaald of bewerkt.

Leg uit waarom de verhalen over koning Artur en zijn ridders enorm populair waren aan de Europese hoven.
Naast vermaak boden de Arturromans lessen in gewenst en ongewenst gedrag, vergelijkbaar met de huidige etiquetteboekjes. Geen wonder dat de verhalen over koning Artur en zijn ridders aan de middeleeuwse hoven zo populair waren. Want wie wil er nou niet trendy zijn en laten zien dat hij weet hoe het hoort?

Leg in je eigen woorden uit wat registrale kunst betekent.
Vorm van kunst waarbij ze bekende motieven rangschikken en koppelen.
De middeleeuwse Arturromans lijken op onze detectives, thrillers of doktersromans. Verklaar deze bewering.
Ridders moesten vaak mensen zoeken. De spanning bouwt op naarmate het verhaal verder gaat. Doordat de ridders vaak iets zoeken en het niet meteen kunnen vinden is de spanning zo hoog. Ook is er actie omdat ze gevechten aan moeten gaan en een jonkvrouw moeten redden. Ook was er interesse in de geneeskunst, wat ook erg belangrijk was bij arturromans.

Arturromans zijn spiegels van hoofsheid. Onder andere blijkt dit uit de pracht en praal aan het hof en de manier waarop de ridders en jonkvrouwen met elkaar omgaan. Ander kenmerk is dat het begin van een Arturroman vaak vaste elementen bevat. Lees het begin (vers 1 t/m 86) van de Ridder metter mouwen. Noteer:
a.        Welke typische hoofse elementen het fragment bevat.
b.        Welke stereotype beginkenmerken je herkent.
a.  Er wordt hoffelijk gesproken. Liefde voor vrouwen, zij worden op een voetstuk geplaatst. Er wordt ter ere van de koning gehandeld.
b. Het verhaal begint met een hofscène.

Lees de tekstpagina over de middelnederlandse Arturroman Ferguut en het fragment met het gesprek tussen Ferguut en de jonkvrouw Galiene. Geef antwoord op de volgende vragen:
a.        In het gesprek tussen Ferguut en Galiene is sprake van een miscommunicatie. Welke?
b.        Leg uit of Ferguut een hoofse ridder is die begrepen heeft wat de hoofse liefde inhoudt?
a. Hij denkt dat Galiene echt haar hart kwijt is en dat ze zegt dat hij het heeft gestolen.
b. Nee, hij heeft het slecht begrepen. Hij doet niet hoffelijk tegenover Galiene ( Verdwijn!) en wil liever gaan vechten.

Rond 1100 liepen er op het Europese continent heel wat Waleweins en Arturs rond. Leg uit waar dat een aanwijzing voor is en waarom.
Heel veel mensen beweerden dat zij Walewein en Arthur waren, omdat de verhalen erg populair waren. Ook werd reizen steeds makkelijker, waardoor de ridderverhalen zich makkelijker verspreidden.

Welk ridderideaal wordt in de Graalromans gepropageerd? Zoek op, in Encarta, op Internet of een andere bron, met wat voor soort tochten de opkomst van dat nieuwe ideaal te maken heeft.
Dat men heilig moest zijn, omdat alleen zuivere mensen de graal kunnen vinden. Dus trouw, eerlijkheid en zonder zonden.

Hoofdstuk 6
Arturs Ronde Tafel leeft in onze tijd voort in het verschijnsel van de rondetafelconferentie. Leg uit wat dit verschijnsel te maken heeft met de Ronde Tafel uit de Arturverhalen.
Niemand zit aan het hoofd van de tafeldus iedereen is gelijk.

Heel wat plaatsen in Groot-Brittannië worden in verband gebracht met koning Artur. Op deze kaart zie je er een aantal. Stel, een club bekenden (vrienden, familie) vraagt jou - want inmiddels ben je Arturdeskundige - ze rond te leiden langs een aantal bezienswaardigheden waar de geest van onze legendarische koning nog rondwaart. Stippel deze route uit en besteed daarbij in elk geval aandacht aan de volgende plaatsen: Tintagel, Winchester, South Cadbury, Glastonbury, Dozmary Pool en Salisbury. Noteer in welk opzicht deze plaats verband houdt met koning Artur (wat is er te zien?) en schrijf over elke bezienswaardigheid kort wat toeristische informatie die je zou kunnen gebruiken tijdens een rondleiding. Om aan je informatie te komen kun je van Internet gebruik maken, maar bijvoorbeeld ook van reisgidsen over Engeland. Een hele mooie is die van Dominicus: In de voetsporen van koning Arthur, geschreven door Nicki Bullinga.
Tintagel: Dit is de geboorteplaats van Arthur
Winchester: Hier zou het kasteel Camelot gestaan kunnen hebben.
South Cadbury: Hier zou de ronde tafel gestaan moeten hebben.
Dozmary Pool: Hier heeft het magische zwaard Excaliber iets mee te maken.
Salisbury: Hier zou koning Arthur overleden zijn.

maandag 1 oktober 2012

politiek en media


Politiek: beauty or brains?

Op politiek gebied is er de afgelopen maanden zeer veel veranderd. Het parlement was ontbonden, de partijen hebben volop campagne gevoerd en de zetels zijn herverdeeld dankzij de verkiezingen. Het viel daarbij op dat een aantal partijen onverwacht veel verlies hadden of juist meer zetels kregen. Wat zijn daarvan de oorzaken? Hangt de politiek veel af van de media of kiezen mensen voor een partij puur om hun standpunten? Schenken de kiezers de krant geen tweede glans toe op de verkiezingsdag, of hebben zij de krant nog binnen handsbereik als ze het rode potlood oppakken?

Rond de verkiezingen staan de kranten vol met artikelen over de politiek. Vaak gaat het over de campagne of over de debatten die zich tussen de partijen afspelen. Vele mensen zijn de media hiervoor dankbaar, het is ten slotte een manier om de partijen beter te leren kennen en te begrijpen voordat je gaat stemmen. Maar waar ze niet over denken, is dat niet alle media altijd uitsluitend feiten vertellen. Een krant of (roddel)blad kan een bepaalde partij in een benarde positie plaatsen door simpelweg een negatief stuk over de partij of hun leider te schrijven. En juist stukken uit de krant of samenvattingen op de televisie blijven diep in het geheugen hangen, omdat dit vaak het eerste en het laatste is waar we iets van meekrijgen voordat we het huis verlaten.

Denk eens aan de media op het internet. Duizenden mensen doen op internet verscheidende stemwijzers, en baseren hier hun stem op. Dit kan ook zeer misleidend zijn. De stemwijzers baseren namelijk uw mening op wat u wel of niet wilt, en houdt hiermee geen rekening wat de redenen hierachter zijn. Er zou dus een partij als beste keuze uit de test kunnen komen, die op andere onderwerpen een totaal andere mening dan u zal hebben. De meeste mensen vertrouwen echter de stemwijzer meteen en laten deze resultaten sterk meewegen in hun keuze.

Ten slotte zijn er de zwevende kiezers. Deze mensen laten hun stem afhangen van laatste peilingen over de partij, en de manier waarop zij in de media voorkomen. Als de krant suggereert dat de peilingen voor een bepaalde partij nog wel hoger uit zullen komen, en voor een andere partij ‘nog wel zullen dalen’, zal de zwevende kiezer haar of zijn stem snel hebben weggegeven. En aangezien het percentage van zwevende kiezers zeer hoog is (dit jaar nog 33% van de stemmers), is de invloed van de media op hen cruciaal.

De media en de politiek hangen dus veel van elkaar af. Alhoewel de partij met hun standpunten moeten komen, is het de media die van de verwoordingen een kloppend verhaal moet maken. Ook het imago dat zij als partij hebben op de televisie laat een indruk achter op de mensen thuis. De partijen moeten er dus rekening mee houden dat de kiezers de krant nog zullen oppakken op de verkiezingsdag, en zullen naast het overbrengen van hun standpunten, ook nog hun best moeten doen om in een goed licht te blijven staan bij de media.